De zaak
De gemeenten Weert en Nederweert (hierna: de gemeenten) houden een Europese aanbesteding voor gymnastiekvervoer. Touringcars VOF (hierna: Touringcars) en Taxi Horn Tours (hierna: Taxi Horn) schrijven in op de aanbesteding. Touringcars is een vennootschap onder firma (hierna: vof), die is opgericht voor onbepaalde duur en is ingeschreven in het handelsregister. De gemeenten zijn voornemens de opdracht te gunnen aan Touringcars. Taxi Horn is het daar niet mee eens en start een procedure. In kort geding en in hoger beroep staat de vraag centraal of Touringcars slechts één UEA (namens de vof) mocht indienen, of dat elke vennoot van de vof een eigen UEA had moeten indienen.
Het gerechtshof komt er niet uit en vraagt het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: HvJ EU) om uitleg te geven. Het HvJ EU buigt zich over de vraag of vennoten van een vof allemaal zelfstandig een UEA moeten indienen of dat kan worden volstaan met één UEA namens alle gezamenlijke vennoten.
Het HvJ EU zet uiteen in welke gevallen er volstaan kan worden met één UEA en in welke gevallen er meerdere UEA’s ingediend moeten worden. Volgens het HvJ EU hoeft een vof alleen haar eigen UEA (dus van de vof) in te dienen wanneer zij individueel een inschrijving indient en aantoont dat zij de opdracht met uitsluitend eigen personeel en materieel kan uitvoeren. Dit betekent dat de vof gebruik maakt van de middelen die haar gezamenlijke vennoten aan de vof hebben overgedragen en waarover de vof vrijelijk kan beschikken.
Als de vof daarentegen een beroep doet op de eigen middelen van vennoten, dan wordt dit beschouwd als een beroep doen op de draagkracht van andere entiteiten en dient zij niet alleen haar eigen UEA (dus van de vof) in te dienen, maar ook het UEA van elk van de vennoten op wier draagkracht de vof een beroep wil doen.
Juridisch kader
- Artikel 2.52 Aanbestedingswet bepaalt onder andere dat een samenwerkingsverband van ondernemers zich kan inschrijven of zich als gegadigde kan opgeven (lid 3) en dat een aanbestedende dienst niet mag verlangen dat het samenwerkingsverband een bepaalde rechtsvorm heeft (lid 4). Wel mag een aanbestedende dienst bepalen dat de entiteit waaraan de overheidsopdracht wordt gegund ten behoeve van de uitvoering van de opdracht een bepaalde rechtsvorm aanneemt als dit voor de goede uitvoering noodzakelijk is (lid 7).
- Artikel 2.84 lid 1 Aanbestedingswet bepaalt dat een eigen verklaring een verklaring is van een ondernemer waarin deze aangeeft: a) of uitsluitingsgronden op hem van toepassing zijn; b) of hij voldoet aan de in de aankondiging of in de aanbestedingsstukken gestelde geschiktheidseisen; c) of hij voldoet of zal voldoen aan de technische specificaties en uitvoeringsvoorwaarden die milieu en dierenwelzijn betreffen of die gebaseerd zijn op sociale overwegingen; d) of en op welke wijze hij voldoet aan de selectiecriteria.
- De vorm en inhoud van de eigen verklaring zijn vastgesteld bij Verordening 2016/7, op basis waarvan in Nederland het digitale Uniform Europees Aanbestedingsdocument is opgesteld. In bijlage 1 van deze verordening is onder meer opgenomen dat:
- een ondernemer die zelfstandig deelneemt en zich niet beroept op de draagkracht van andere entiteiten om aan de selectiecriteria te voldoen, één UEA moet invullen;
- een ondernemer die zelfstandig deelneemt, maar zich beroept op de draagkracht van een of meer andere entiteiten, ervoor moet zorgen dat de aanbestedende dienst zijn eigen UEA samen met een afzonderlijk UEA met de relevante informatie (…) voor elk van de entiteiten waarop hij steunt, ontvangt;
- als combinaties van ondernemers – waaronder tijdelijke samenwerkingsverbanden – samen deelnemen aan een aanbestedingsprocedure, moet voor elk van de deelnemende ondernemers een afzonderlijk UEA worden ingediend met daarin de in de delen II tot en met V (van de UEA) gevraagde gegevens.
Rechters aan het woord
- De arresten Meca en Rad Service van het HvJ EU onderstrepen dat het UEA het doel van de Europese aanbestedingsregels die gaan over het gebruik van uitsluitingsgronden en over het doen van een beroep op de draagkracht van derden concretiseert. Met behulp van de gegevens uit het ingediende UEA is de aanbestedende dienst in staat zich er zeker van te stellen dat elk van de inschrijvers integer en betrouwbaar is, en dat er dus geen vertrouwensbreuk is met de betrokken ondernemer.
- Naast de uiteenzetting van in welke gevallen er volstaan kan worden met één UEA en in welke gevallen er meerdere UEA’s ingediend moeten worden, licht het HvJ EU in het arrest waar deze JA!-editie op ziet ook toe wat het doel van het UEA is en waarom het van belang is dat ondernemers een UEA overleggen. Een UEA is onder meer bedoeld om de aanbestedende dienst een nauwkeurig en getrouw beeld te geven van de situatie van elke ondernemer die verzoekt om deel te nemen aan een aanbestedingsprocedure of die een inschrijving wenst in te dienen.
Tips voor de praktijk
- Ga als aanbestedende dienst goed na op wiens/wier draagkracht de ondernemer een beroep doet, ook als het gaat om een vennoot van een vof. Als de vof namelijk een beroep moet doen op de eigen middelen van bepaalde vennoten, dan wordt dat immers beschouwd als een beroep op de draagkracht van andere entiteiten. En in dat geval moet door al die entiteiten op wiens/wier draagkracht een beroep wordt gedaan, bij inschrijving een separaat UEA worden ingediend.
- Doet een inschrijver in zijn inschrijving een beroep op (een) derde(n) om te voldoen aan bepaalde geschiktheidseisen, bijvoorbeeld op het gebied van technische bekwaamheid, financiële of economische draagkracht, dan moet de inschrijver dit invullen bij deel II C van het UEA. Als de opdracht aan de hoofdaannemer wordt gegund, is alleen hij contractspartij van de aanbestedende dienst. Dat neemt niet weg dat als een inschrijver een beroep doet op de draagkracht van (een) derde(n) om te voldoen aan een of meer geschiktheidseisen ook deze derde(n) een separaat UEA moet(en) indienen.
- Is er ingeschreven met (een) onderaannemer(s)? Dan is de hoofdaannemer hoofdelijk verantwoordelijk en hoeft alleen de hoofdaannemer één UEA in te dienen, tenzij de aanbestedende dienst daar expliciet om heeft gevraagd. Het is namelijk mogelijk dat een aanbestedende dienst in de aanbestedingsstukken vraagt om in deel II D op te geven of de inschrijver van plan is een deel van de opdracht door (een) onderaannemer(s) te laten uitvoeren en welke dit is/zijn en daarnaast expliciet om andere informatie vraagt.
- Als een inschrijver een inschrijving indient als combinatie, dan moet iedere deelnemer aan de combinatie een eigen UEA indienen. In het geval van gunning van de opdracht zullen namelijk alle deelnemers contractspartij van de aanbestedende dienst zijn. Voor een combinatie gelden vervolgens dezelfde voorwaarden voor het inschrijven met onderaannemer(s) of derde(n) als voor zelfstandige inschrijvers.
- Controleer altijd dat het UEA rechtsgeldig is ondertekend door degene(n) die hiertoe bevoegd is/zijn.